"Wie thuis illegalen opvangt, is schuldig aan een misdrijf", waarschuwt minister van Binnenlandse Zaken Patrick Dewael (VLD) de Antwerpse bewonersgroepen. Hij strooit ook met nieuwe plannen: militairen voor camerabewaking, een elektronische identiteitskaart voor vreemdelingen... Dewael declameert zijn nieuwjaarsbrief.
©2006 Gazet van Antwerpen door Kurt Tuerlinckx en Lex Moolenaar
Woensdagochtend, Oostende. In Hotel Andromeda, naast het Casino, laadt Patrick Dewael zich op voor het nieuwe jaar. De minister van Binnenlandse Zaken kan wel wat nieuwe energie gebruiken, na alle stormen van 2005. Zijn VLD zakte door interne twisten en gebrek aan succes in enkele gevoelige federale dossiers bijna door haar poten, en privé kwam hij in het harde licht van de schijnwerpers te staan nadat bekend was geworden dat hij een relatie heeft met VRT-journaliste Greet Op de Beeck.
Maar voor de ware voluntarist blijft de zon altijd schijnen. Het jaar 2006 kondigt zich beter aan, de VLD klimt langzaam weer in de peilingen. En Patrick Dewael heeft nieuwe plannen in de pijplijn voor Vlaanderen én voor Antwerpen. Geflankeerd door liefst drie medewerkers ontvangt hij ons voor een gesprek over politie, veiligheid en vreemdelingenbeleid.
"Het Antwerpse stadsbestuur maakt keuzes op het vlak van de veiligheid. De federale regering engageert zich om die keuzes te ondersteunen. Dat hebben we in 2005 gedaan, onder meer met de geïntegreerde acties van lokale en federale politie tegen woninginbraken, rondtrekkende dadergroepen enzovoort. Met resultaat, zoals u hebt vastgesteld. Een mooi voorbeeld was het opsporen van de 'Bende van den Dikke'. We zullen dit 'veiligheidspact' - Antwerpen zet het beleid uit, de federale overheid ondersteunt maximaal - in 2006 voortzetten. Ik wil tegen het einde van de legislatuur de operationele inzetbaarheid van het aanwezige politiepersoneel verhogen, zodat er in feite 3.200 agenten vrijkomen die nu geen politietaken uitvoeren. Zo krijgen we meer blauw op straat. Antwerpen beschikt met 2.300 eenheden over vijf procent van de totale capaciteit. Dat moet genoeg zijn."
Het Antwerpse korps hoeft dus niet meer op uitbreiding te rekenen?
Daarover beslist Antwerpen zelf. Persoonlijk denk ik dat het huidige contingent moet volstaan. Als het nodig is, kan de federale politie wel extra ondersteuning leveren met gespecialiseerd personeel of materieel: voertuigen, heli's, honden... Uit de Algemene Reserve worden ook permanent en zijn momenteel vijftig mensen naar Antwerpen gedetacheerd, totdat er afgestudeerde rekruten kunnen worden toegewezen. Dat moet voldoende zijn. Het Antwerpse korps is groot genoeg, maar het probleem is dat een deel van dat korps niet operationeel kan worden ingezet omdat het verplicht wordt allerlei andere taken uit te voeren. Zoals loopjongen spelen voor het parket.
Evolueert de Antwerpse politie in positieve zin?
De politiebegroting is veel gezonder geworden, vooral door de rationalisering van het enorme aantal overuren. Dat proces is nog niet afgerond: tegen februari hoop ik een globaal akkoord te bereiken over de flexibilisering van het politiestatuut. De regeling voor de arbeidstijden is sinds 1 januari al versoepeld, waardoor de lokale autoriteiten het initiatief kunnen nemen om hun manschappen flexibeler aan te sturen. Korps-chef Eddy Baelemans is er samen met extern adviseur Willy Bruggeman ook in geslaagd om bruggen te leggen tussen parket, federale en lokale politie. Al die verbeteringen hebben geleid tot een overschot van 25 miljoen euro. De lokale recherche is uitgebouwd, er wordt goed samengewerkt tussen het parket en de gerechtelijke diensten. Dat heeft geleid tot succes in de bestrijding van drugshandel, huisjesmelkerij en seksuele uitbuiting. Antwerpen heeft met Bart Van Lijsebeth een zeer dynamisch procureur. Kortom, alles kan altijd beter, maar op een aantal punten scoort Antwerpen zeer goed.
Toch blijft het onveiligheidsgevoel groot. Er is ook onenigheid over de vraag of de politie zich moet concentreren op misdaadbestrijding of op wijkwerking. Wat vindt u?
Ik vind misdaadbestrijding en wijkwerking allebei belangrijk. Ze zijn ook interactief. Met een sterke wijkwerking en veel patrouilles lever je een belangrijke bijdrage aan de bestrijding van misdaad. Concreet: wij beschikken over 40.000 paar ogen en oren om verdoken haarden van terrorisme te spotten en te signaleren. Helaas is de wijkwerking nog steeds, en overal in België, een pijnpunt omdat de politie zoveel oneigenlijke taken moet uitvoeren. Ik neem de nodige initiatieven, zodat de korpschefs alle kansen hebben om hun politiemensen maximaal in te zetten op het terrein. Het onveiligheidsgevoel in Antwerpen is afgenomen tot het niveau van 1997. Op zich is dat positief, maar er is nog werk aan de winkel.
Er woedt in Antwerpen een bitter debat over de ticketcontroles van De Lijn, waarbij ambtenaren van de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) aanwezig zijn om illegalen te registreren. Groen! heeft keihard uitgehaald naar de eigen coalitie.
Ik begrijp die heisa niet. De controles worden uitgevoerd door personeel van De Lijn. De politiemensen leveren bijstand, maar ze komen in feite alleen in actie voor weerspannige klanten of als de controleurs van De Lijn mensen zonder vervoerbewijs én zonder geldige identiteitsdocumenten aan hen overdragen. Ik hoor Kathleen Van Brempt (Vlaams sp.a-minister van Mobiliteit, red.) en sommige groenen de term 'vreemdelingenpolitie' gebruiken, maar die bestaat helemaal niet. De ambtenaren van de DVZ zijn louter aanwezig om te registreren, wat tóch moet gebeuren als er in zo'n voertuig illegalen worden aangetroffen. Illegaliteit is nog altijd een misdrijf, hé. Dat schijnen velen te vergeten. Al die commotie is voor mij dus een storm in een glas water.
Het wordt wél een probleem als controleurs van De Lijn aan reizigers met een ticket vragen om zich te identificeren, en zo hun bevoegdheid overschrijden.
Als dat zo is, dan moet minister Van Brempt dringend ingrijpen, want het zijn haar controleurs. Ik spreek mij uit over wat de politie en de DVZ moeten doen.
Enkele Antwerpse bewonersgroepen roepen op om onderdak te bieden aan illegalen. Plegen ze daarmee een misdrijf?
Nogmaals: illegaliteit is een misdrijf. En wie kennis heeft van een misdrijf, is wettelijk verplicht om dat te melden aan het parket. Artikel 77 van de Vreemdelingenwet van 1980 zegt ook dat je het verblijf van vreemdelingen niet mag vergemakkelijken. Ik vind die houding van de bevolking heel dubbel, hoor. Enerzijds vindt een flink deel van de kiezers dat alle illegalen weg moeten. Maar anderzijds mag dat ineens niet meer gelden als het om de eigen buren gaat. En als buurtwerker Frank Hosteaux de acties van het stadsbestuur vergelijkt met nazi-praktijken, dan gaat hij een grote stap te ver. Ik ben zelf de kleinzoon van iemand die in een concentratiekamp is gestorven. Ik vind dat de Conventie van Genève heel genereus moet worden toegepast. Inwijkelingen moeten snel vernemen of ze een toekomst hebben in ons land of niet. Maar als het oordeel negatief is, dan moeten ze het land verlaten. En dat bevel leggen ze heel vaak naast zich neer.
Met die repatriëringen wil het niet zo goed lukken, hé?
Voordat je iemand kunt repatriëren, moet je zijn identiteit vaststellen. Het internationaal recht bepaalt dat. Het geldt voor alle landen, maar we krijgen niet altijd de volle steun van de landen van herkomst. Dat blijft dé achilleshiel in het verhaal. Dan heb ik het onder meer over Rusland, Congo, Irak, Iran, Afghanistan, Pakistan, India...
Wat doet u daaraan?
We oefenen druk uit. In Europees verband, maar ook bilateraal. Zo ben ik onlangs naar Sofia en Boekarest getrokken. Bulgarije en Roemenië zijn notabene twee landen die volgend jaar toetreden tot de EU, maar toch stelden we vast dat er nog steeds heel wat Roemenen en Bulgaren naar België kwamen om hier asiel aan te vragen. We hebben daar op persconferenties duidelijk gesteld dat België niet het land van melk en honing is. De cijfers toen aan dat dit ontradend werkt. Voor december constateren we een opvallende daling, die volgens mijn diensten te danken is aan onze inspanningen in het buitenland. Voor landen buiten de EU is Europese druk de beste remedie. Zo is rusland nu toch bereid om admissieakkoorden te sluiten. Daarvoor ga ik volgende maand naar Moskou. Ook in Congo ligt er een voorstel: wij helpen hen met het ontwikkelen van een rijksregister, zij helpen ons met de illegalenkwestie.
Heeft het wel zin om illegalen op te sporen als repatriëring zo moeilijk ligt?
Uiteraard. Met veel landen loopt die repatriëring wél vlot. We mogen niet uit het oog verliezen dat er in de eerste elf maanden van vorig jaar meer dan 11.000 uitgeprocedeerde asielzoekers en illegalen naar hun thuisland zijn teruggekeerd, van wie 6.064 via repatriëringen. We moeten dus blijven controleren. De groenen noemen controles een jacht op vreemdelingen, maar ik moet dat tegenspreken. Acties zoals de huisbezoeken in Antwerpen-Noord zijn géén jacht op illegalen, we willen daarmee de grote problemen van de moeilijke buurten in kaart brengen: OCMW-kwesties, uitbuiting, gevaarlijke woningen… Dáárom stuurt Antwerpen die teams met mensen van verschillende diensten uit. Iedereen weet dat Antwerpen als havenstad een grote aantrekkingskracht uitoefent op vreemdelingen, iedereen weet dat OCMW’s uit het hele land asielzoekers naar Antwerpen sturen, iedereen kent de problemen die daardoor zijn ontstaan. Ik begrijp die politici aan de linkerzijde echt niet, ik krijg hun kritiek niet door mijn progressieve hart. Na de overvloed aan asielzoekers in 2000 en 2001 is het aantal aanvragen nu gedaald tot 15.000 per jaar. Op het niveau van de DVZ hebben we het probleem onder controle. De meeste illegalen die je nu met hun tragisch verhaal in de krant ziet staan, weten al jaren dat ze weg moeten. Het is mijn stelregel dat men uit de illegaliteit géén rechten puurt. Je kunt dus niet vragen om geregulariseerd te worden als je hier al jaren illegaal verblijft. Artikel 9 van de vreemdelingenwet geeft mij in uitzonderlijke gevallen de mogelijkheid om dossiers te regulariseren waarin de overheid bij het snel afhandelen heeft gefaald.
In elk geval moeten alle procedures een stuk sneller.
De strengere aanpak van schijnhuwelijken is eind vorig jaar in het parlement goedgekeurd. Zodra de rechter oordeelt dat er sprake is van zo’n huwelijk, vervalt de verblijfsvergunning. Ook de regels voor gezinshereniging worden veel strenger. Met die maatregel zijn zelfs de Antwerpse groenen het eens. De periode waarin die hereniging kan worden gecontroleerd, wordt verlengd tot drie jaar. En de leeftijd waarop hereniging mogelijk is, wordt verhoogd van 18 naar 21 jaar.
Maar zelfs met de nieuwe regels is België nog een stuk minder streng dan Nederland, zodat steeds meer nieuwe Nederlanders hier komen trouwen en vaak ook hier blijven.
Ik ben een groot voorstander van Europese harmonisatie. Maar als sommige landen nóg strenger willen zijn, volg ik niet.
Zegt u nu dat de Nederlandse minister van Vreemdelingenzaken Rita Verdonk de Europese afspraken aan haar laars lapt?
Nederland is strenger voor zijn eigen onderdanen dan voor Europese burgers. Dat wil ik in België niet doen. Ik zal hierover mijn Nederlandse collega aanspreken op onze volgende Europese afspraak. Voor mij is de zin van Europese harmonisatie dat je alle regels op elkaar afstemt. Dat doet Nederland niet. De combinatie van alle maatregelen – versnelde procedures, nieuwe regels voor re-admissie en acties op het terrein – moet een ontradend effect sorteren. Daarnaast ben ik van plan om de elektronische identiteitskaart voor vreemdelingen in te voeren, inclusief biomedisch materiaal zoals vingerafdrukken en gelaatsgegevens. En daarvoor wil ik Antwerpen vanaf 2007 proefgemeente maken.
Over naar de overlast. Die zit niet in misdaadstatistieken, maar is wel een belangrijke factor in het onveiligheidgevoel.
Daarvoor hebben we preventie- en veiligheidscontracten afgesloten met 73 steden en gemeenten. In rechtse kringen wordt daar wel eens smalend over gesproken, maar dat netwerk van ambtenaren en straathoekwerkers heeft er in belangrijke mate voor gezorgd dat ten tijde van de rellen in Frankrijk het vuur niet overgeslagen is naar ons. In de toekomst moeten we wel nog meer rekening houden met de lokale behoeften, en andere prioriteiten stellen. Hulp verlenen aan drugsverslaafden vind ik bijvoorbeeld geen taak voor Binnenlandse Zaken, dat is iets svoor Volksgezondheid (het departement van PS-minister Rudy Demotte, Red.). Vanaf 1 januari 2007 wil ik de eenjarige veiligheidscontracten ook omzetten in contracten voor vier jaar, zodat er langlopende strategische programma’s kunnen worden uitgewerkt in plaats van al dat geïmproviseer. In Antwerpen is schepen van Veiligheidszorg Dirk Grootjans (ook VLD, red.) al klaar met zzijn diagnose. In de volgende legislatuur willen we steden en gemeenten belonen die hun budget goed hebben besteed. Antwerpen kan rekenen op een positieve evaluatie.
We kennen inmiddels ook het systeem van de Gemeentelijke Administratieve Sancties (GAS), waardoor de stad boetes kan uitschrijven in gevallen waarvoor het parket geen tijd heeft. Is dat een succes?
Vroeger gebeurde er in zulke gevallen niets, nu heeft de stad Antwerpen 118 mensen aangesteld en opgeleid die bezig zijn met een efficiënt lik-op-stukbeleid belangrijk, want overlast heeft inderdaad een grote invloed op het onveiligheidsgevoel.
Met welke middelen kunt u de steden en gemeenten nog meer ondersteunen?
We hebben het interventiekorps van 700 man, dat we kunnen uitsturen naar de verschillende zones. Er is het veiligheidskorps, dat de bewaking en het transport van de gevangenen in het kader van de strafprocedure overneemt van de politie. Voor de terreurbestrijding hebben we in Antwerpen de gerechtelijke diensten (GDA) met vijf man versterkt, en de Staatsveiligheid (bevoegdheid van PS-minister Laurette Onckelinx, red.) heeft in de begroting voor 2006 middelen gekregen voor extra manschappen, ook om de Antwerpse post te versterken, onder meer als gevolg van de noodkreet die procureur Van Lijsebeth een jaar geleden in Gazet van Antwerpen slaakte. De gemeenten kunnen verder een beroep doen op militairen: vijftig voor Antwerpen, 250 in totaal. Antwerpen wil die gebruiken voor de camerabewaking. Al die beelden moeten tenslotte ook worden bekeken. Als agenten dat niet meer hoeven te doen, kunnen zij de straat op. Voor de financiering van die laatste operatie wil ik voorstellen aan collega Renaat Landuyt (sp.a, red.) om het verhoogde budget van het Verkeersveiligheidsfonds aan te spreken. Vorig jaar zijn die middelen vooral geïnvesteerd in voertuigen en nieuwe apparatuur, maar dat is niet elk jaar nodig.
Na jaren van kritiek spreekt u opvallend positief over Antwerpen. Is dat omdat er verkiezingen aankomen?
Nee, maar ik herinner me de tijd dat ik Vlaams minister-president was. Toen bleef Antwerpen in Brussel maar bedelen om de historische stadsschuld kwijt te schelden, en daar kwamen dan nog honderd en één vragen bovenop. Ik stel nu vast dat de schuld niet is kwijtgescholden, maar dat de schepen van Financiën Luc Bungeneers (ook VLD, red.) de stedelijke budgetten al jaren volledig onder controle heeft, zodat er zelfs weer wat financiële bewegingsruimte is. Er is veel veranderd in Antwerpen. Ook gouverneur Camille Paulus verdient een pluim, omdat hij na zijn Masterplan voor de mobiliteit nu ook alle partijen tot een consensus heeft gebracht over de civiele veiligheid.
U prijst al uw liberale vrienden. Vreest u niet dat bij de verkiezingen nogal wat VLD-stemmen naar Hugo Coveliers zullen gaan?
Ach, Coveliers heeft zijn keuze gemaakt, dat is verleden tijd. Ik herinner mij dat hij zicht destijds heeft aangeboden ná oprichting van de VLD. Niet ervóór, dat vond hij te riskant. Dat typeert hem. Ik zal nooit vergeten hoe hij in het begin tegen ons zei dat hij het moeilijk had met sommige rechtse liberalen. En kijk eens waar hij nu zit!
Wat wenst u zichzelf toe voor 2006?
Ik ga gewoon door met de uitvoering van mijn beleid in de federale regering. Verder graag een breukvrije skivakantie en veel geluk op persoonlijk vlak. En nu moet ik dringend weg. (lacht)