Patrick Dewael

Open Vld website Open Vld RSS
Villa Politica Facebook

Onthulling portret Oud-Kamervoorzitter Herman De Croo

Op donderdag 26 maart onthult Patrick Dewael het portret van oud-voorzitter Herman De Croo.

Bekijk foto's

 

Dames en heren,

 

 

Om te beginnen zou ik zeggen: eindelijk!  Eindelijk mogen wij vandaag, bijna twee jaar na het einde van het voorzitterschap van Herman De Croo, zijn portret aanschouwen. Eindelijk wordt de indrukwekkende kunstverzameling van de Kamer van volksvertegenwoordigers verrijkt met een geschilderde afbeelding van de man die acht jaar lang, tussen 1999 en 2007, deze assemblee leidde. En eindelijk wordt die enige nog lege plek bovenaan de eretrap, rechts van het portret van Raymond Langendries, opgevuld: bijna was die plek uitgeroepen tot wat in het kunstenaarsjargon een ‘area of silence’ heet, een oppervlak waar de achtergrondkleur de enige is. Stilaan begon een zekere ‘horror vacui’ toe te slaan, waarschijnlijk het meest bij onze goede vriend De Croo zelf.

 

Herman, zo weten we, heeft inzake zijn portret lang getwijfeld. In het najaar van 2007 was in de nationale pers te lezen dat hij liever geen schilderij wilde, maar een foto: “De Croo zou De Croo niet zijn, mocht hij niet een beetje buiten de lijntjes willen kleuren”, zo schreef de krant De Standaard toen. Toch had hij volgens datzelfde artikel nog een andere reden om eerder aan een foto dan aan een schilderij te denken: “Een van de redenen om niet voor een schilderij te kiezen, is dat je bij foto’s mee kunt beslissen”, zei hij toen. “Als de schilder zijn werk heeft gedaan, kun je er niets meer aan veranderen. Een fotograaf kan 150 foto’s nemen. Daar zal altijd wel een bij zijn die je goed vindt.

 

 

 

Toen Herman besliste toch de traditie te respecteren en hij van zijn foto-idee afzag, begon een lange zoektocht naar een schilder. Zelfs het Radio 1-programma Mezzo bood hem hulp aan, en verzocht een student hem op doek te vereeuwigen. Helaas! Het resultaat voldeed niet, en Herman zocht rusteloos verder, hierin bijgestaan door zijn dochter Ariane - die niet alleen juriste is, maar ook kunsthistorica. Wie nu denkt dat de lange zoektocht waar ik het daarnet over had, het gevolg was van enige grilligheid in hoofde van onze voormalige Voorzitter, heeft het grondig mis. Hermans queeste, als ik het zo mag zeggen, had alles te maken met enerzijds zijn passie voor kunst, en anderzijds zijn onophoudelijke streven naar het best mogelijke resultaat. Herman had evengoed weinig belang aan het kunstgehalte van zijn portret kunnen hechten, en snel een of andere schilder kunnen kiezen. Geen haar op zijn hoofd dat daar echter aan dacht: zijn respect en liefde voor de kunst zijn daarvoor veel te groot. Van dat respect en van die liefde getuigen talloze initiatieven die hij reeds eerder nam, als politiek mandataris of als privé-persoon. Bij wijze van voorbeeld zal ik twee van de meest recente opnoemen.

 

In mei 2008 kwam het magnifieke boek 'Kunst en architectuur bij de Belgische Kamer van volksvertegenwoordigers' van de pers. Tot het voorzitterschap van Herman De Croo bestond geen enkele publicatie over het toch wel aanzienlijke artistieke kunstpatrimonium van de Kamer. Herman wilde dat absoluut verhelpen, wat resulteerde in een rijkelijk gedocumenteerd en geïllustreerd, vuistdik boekwerk. Vuistdik, maar vlot toegankelijk voor een breed publiek: kunst is immers niet iets voor enkele geprivilegieerden, maar voor iedereen, zo vindt De Croo. Diezelfde opvatting was terug te vinden in een ander initiatief dat ik hier wil vermelden. In de zomer van 2008 zette het Herman De Croo Centrum, na een eerste grote kunstproject twee jaar voordien, een tweede kunstproject op, waarbij hedendaagse artiesten moderne kunst, architectuur en technologie inpasten in het rurale landschap van Hermans geliefde Vlaamse Ardennen, langs een kilometerlange wandelroute.  Passie voor kunst typeert dus onze vriend Herman. Maar ook, zoals ik reeds zei: een niet-aflatende ijver naar een zo goed mogelijk resultaat, in alles wat hij doet, in alles waarin hij betrokken is.  

 

Herman De Croo beëindigde zijn retorica aan het jezuïetencollege in Mons als primus. Tijdens zijn studies rechten en politieke wetenschappen aan de ULB behaalde hij elk jaar een grote onderscheiding: zeven in totaal, ‘excusez du peu’! Daarop volgde een schitterende carrière als politicus, maar ook als advocaat, als professor en -last but not least- als voorzitter of actief lid van talrijke commissies, comités, raden, stichtingen en centra, zoals de ‘European Transport Safety Council’, de ‘Stichting Prinses Lilian’ voor cardiologie of  het wereldautomobielcentrum ‘Autoworld’ in Brussel. Eén zin heeft Herman nodig om uit te leggen waarom hij dat allemaal doet, en waarom hij dat allemaal zo goed mogelijk doet. Ik citeer: “Wij streven naar die zin van gemeenschappelijk goed, van dialoog, van iets willen realiseren, niet omdat wij de mooiste, de beste, de grootste, de sterkste of de meest populaire willen zijn, maar omdat wij iets voor het gemeenschappelijk goed van de burgers van ons land willen doen.” Dat hij zijn mandaat als Kamerlid na al die jaren nog steeds elke dag opnieuw zo ernstig opvat, heeft precies alles te maken met dat nastreven van het gemeenschappelijk goed, van het ‘bonum commune’, om het in Hermans zo geliefde Latijn uit te drukken.

 

 

‘Wie streng is voor zichzelf, is dat ook voor de ander’, luidt het spreekwoord. Voor Herman De Croo geldt dat spreekwoord meer dan voor wie ook: zijn medewerkers, in Brussel, in Brakel en elders, getuigen daar wel eens van. De schilder van zijn portret was dus gewaarschuwd! Zijn ijver en enthousiasme zijn echter zo aanstekelijk, dat ze in staat zijn het beste uit zijn medemens te halen. Een van zijn medewerkers zei ooit: “Ben je moe, of zit je wat in de put, één remedie: Herman De Croo ontmoeten. De Croo doet je herleven, gewoon omdat hij zelf zo zichtbaar, zo tastbaar bijna, van elk moment van het leven geniet.      

 

 

 

Beste Herman,

 

In zijn huldebetoon ter gelegenheid van je 40-jarig mandaat in het Parlement, eind juni vorig jaar, zei Kamervoorzitter Herman Van Rompuy zeer treffend dat je van de vele tegenstellingen die je eigen zijn je kracht hebt gemaakt: “Wat voor velen een spreidstand zou zijn tussen de Vlaamse bodem en een gedeeltelijk Franse opvoeding, tussen een jezuïetenopleiding en het vrije denken, tussen meertaligheid en eigenheid, is voor u een verrijking geworden, en ligt aan de basis van uw verdraagzaamheid”, zo stelde Van Rompuy. Verdraagzaamheid, zo leren ons de humanisten van alle levensbeschouwingen sinds de zestiende eeuw, hangt nauw samen met wijsheid. Van die twee, helaas al te zeldzame, eigenschappen - verdraagzaamheid en wijsheid - ben jij, goede vriend Herman, een toonbeeld.

 

Op het schilderij die we zo meteen zullen onthullen kijk je helemaal naar links. Geen twijfel dat we dat moeten interpreteren als een figuurlijke ‘pied de nez’ naar zij die jou traditioneel in het ‘rechtse kamp’ plaatsen. Want “De Croo is niet links of rechts, niet conservatief of progressief. Hij is zichzelf. De Croo is een pragmaticus die (…) verstand en hart laat samengaan.

 

 

 

Beste Herman,

 

Frans Grootjans zei ooit: ‘Een jong politicus heeft een grote toekomst, een oud politicus een vreselijk verleden’. Bij tal van politici is dit ook het geval. Maar jij bent de uitzondering die de regel bevestigt. Uiteraard had je een grote toekomst en je hebt die in je verschillende functies en hoedanigheden ook waargemaakt. Alleen aan dat jong zijn bij jou nooit een einde gekomen. Na zoveel jaar ministerschap werd je voorzitter van de Kamer van Volksvertegenwoordiger dat je gedurende acht jaar met verve hebt bekleed. Meer nog, je bent er in die acht jaar in geslaagd om de Kamer een dynamiek en bekendheid te geven die men de vorige vijftig jaar nooit gekend had. Je moderniseerde niet alleen de infrastructuur – waarbij je bijvoorbeeld heel slim een speciale plaats voor het vragenuurtje voorzag op zo’n manier dat je zelf steeds goed en volledig in beeld zat. Je liet oprit van ons gebouw met mooie kasseien opnieuw plaveien, je hernieuwde het meubilair en zorgde voor alle moderne communicatietechnieken, je zorgde ervoor dat ons vragenuurtje op televisie kwam, wat waarschijnlijk één van de beste ingrepen was om de befaamde kloof tussen burger en politiek te dichten. Maar bovenal zorgde je ervoor dat de Kamer een echt gezicht kreeg.

De term ‘eerste burger van het land’ is sinds uw voorzitterschap een begrip geworden. En de burgers hebben dit ook begrepen. Zelfs in die mate dat heel wat mensen nog steeds aan jou denken als men die term gebruikt.

 

Daarom ben ik er ook van overtuigd dat dit kunstwerk – dat meestal bedoeld is om iemand uit te zwaaien – geen eindpunt voor jou betekent, maar de start van een nieuw begin. Ik kan me een Kamer zonder De Croo niet inbeelden. En ik weet ook dat vele mensen dat zo zien. De Croo, de stem van het volk, als een blijvende kracht van spitsvondigheid en vaardigheid in onze assemblee. Een grote mijnheer. Iemand waarvoor ikzelf, en al mijn collega’s, met veel respect naar opkijken.

 

 

 

Geachte mevrouw De Croo,

 

‘Achter elke sterke man staat een sterke vrouw’, luidt het gezegde, en dat is bij Herman De Croo niet anders. Herman zelf heeft dat trouwens steeds volmondig beaamd. Geen kans laat hij onbenut om te onderstrepen hoe belangrijk zijn thuisbasis in Michelbeke voor hem is, en hoe onmisbaar zijn vrouw. Het is dan ook met groot genoegen dat wij u, mevrouw De Croo, vandaag in deze hulde betrekken, en u onze dank willen betuigen voor uw nooit aflatende steun aan uw echtgenoot, onze dierbare collega Herman De Croo.

Powered by Seltec CMS & Webdesign