28/06/2008 - Interview
Ik dweepte als kind met de Kennedy's
Een overwinning heeft vele vaders, een nederlaag maar één moeder',De minister van Binnenlandse Zaken praat over Ooit Tongeren, maar ook over zijn bezoek aan de Democratische conventie in de Verenigde Staten, zijn fietspassie en de rol van de media.
© 2008 De Standaard - Limburg
Tongeren Zaterdagochtend, elf uur. Afspraak in Velinx Café, de horecapendant van het gelijknamige cultuurcentrum van Tongeren. De 52-jarige politicus stelt voor om het gesprek te laten plaatsvinden op het terras, dat een fraai uitzicht biedt op een vijver en een stuk Tongers groen. Dewael ziet er bijzonder relaxed uit, maar moet af en toe een kuchje onderdrukken.
'Een bronchitis, wellicht een gevolg van te veel vergaderen in ruimtes met airco', vermoedt hij. 'Vervelend, maar ik probeer dat soort kwaaltjes zonder medicatie te laten genezen. Om gezond te blijven, doe ik zoveel mogelijk aan sport. Vroeger ging ik paardrijden in Neerharen, maar dat was te belastend voor mijn agenda. Nu ontspan ik me vooral met fietsen. Ik doe dat meestal met drie vaste fietsvrienden. Dat heeft twee voordelen: ik kan met hen makkelijk een afspraak maken en zij zien aan mijn gezicht of ik veel of weinig wil praten. (lacht) Tijdens die tochtjes laat ik alles achter me.' 'Ik hou van de rustgevende symbiose tussen mens en natuur. Dat is ook de reden waarom ik vrijwel iedere dag naar huis rijd. Er is slaapgelegenheid boven mijn kabinet, maar als ik daar blijf overnachten, heb ik het gevoel dat ik op mijn bureau kampeer. Ik moet letterlijk en figuurlijk afstand kunnen nemen. Als ik thuiskom, betrap ik mezelf erop dat ik heel vaak eerst even tot in de tuin wandel. Vlak daarachter liggen beemden en vloeit de Jeker. Na 23 jaar vind ik het er nog altijd mooi wonen. Tongeren is mijn thuis.’
U bent nochtans geen authentieke Tongenaar.
'Toch wel. Ik heb nooit ergens anders gewoond. Het klopt wel dat mijn twee zussen en ikzelf in Lier zijn geboren. Mijn moeder is van daar afkomstig en wilde bevallen bij de huisarts van de familie, dokter Bauwens. Ik heb alleen de eerste dagen van mijn leven in Lier doorgebracht. Mijn vader was een Diestenaar, maar kwam met mijn moeder naar Tongeren toen hij tot arrondissementscommissaris werd benoemd. Thuis praatten we alleen Algemeen Nederlands. Het Tongerse dialect heb ik geleerd via mijn vrienden. Ik spreek het niet vlekkeloos, maar gebruik het wel nog regelmatig. Als ze me op het kabinet met een vriend in het Tongers horen telefoneren, weten ze niet wat ze horen.' (lacht)
Toen het misliep met Ooit Tongeren, kreeg u het verwijt dat u reconversiegeld binnenhaalde om een prestigeproject voor uw stad door te drukken.
'Als je een nationaal mandaat hebt, vind ik het maar logisch dat je vanuit die functie je eigen stad probeert te promoten en te ontwikkelen. Steve Stevaert heeft dat gedaan voor Hasselt, ik doe dat zoals tal van andere politici voor mijn eigen stad. De gevangenis krijgt een herbestemming als jeugdgevangenis, het Gallo-Romeins museum wordt toonaangevend voor ons land, de industriezone Tongeren-Oost werd uitgebreid met veertig hectare en creëert flink wat extra jobs, het Julianusproject versterkt de stadskern, het Agnetenklooster is een pareltje geworden. Al die projecten werden gerealiseerd met Vlaams en Europees geld en kostten Tongeren geen eurocent. Ik verdedig mijn stad in Brussel en probeer investeringen naar hier te halen. Ooit Tongeren was een van de vele dossiers waar ik mijn schouders onder zette. Deed ik iets fout omdat ik een verloederde buurt een nieuwe bestemming probeerde te geven? Voor de buitenwacht blijkbaar wel, want plots stonden ze klaar om mij af te schieten. Nu hebben we hem! Gelukkig denkt de Tongenaar daar genuanceerder over. Hij ziet het verschil wel tussen het Tongeren van twintig jaar geleden en nu.'
Maar u kunt toch niet ontkennen dat er in het dossier-Ooit iets is misgelopen.
'Wie niets doet, doet ook niets verkeerd. De eerste doelstelling was: we maken van het Pliniusdomein een historische site met een duidelijke verwijzing naar de vroegere bron, waaraan eeuwenlang geneeskundige kracht werd toegeschreven. Helaas voer de exploitant een totaal andere koers. Zijn concept bleek uiteindelijk haaks te staan op de landschappelijke ontwikkeling van het gebied. Bovendien bleek hij achteraf op financieel vlak helemaal geen stabiele basis te hebben. Alle pro's en contra's werden nochtans afgewogen in de publiek-private constructie. Die werd goedgekeurd in de Vlaamse regering, waar ik op dat ogenblik geen deel meer van uitmaakte. Als een privé-investeerder failliet gaat, sta je machteloos. Na de match is het natuurlijk makkelijk. Dan weet iedereen wat er had moeten gebeuren om te winnen.'
Ooit Tongeren wordt deze zomer opengesteld als wandelpark, maar dat is een beetje mager voor een project dat tot nog toe 25 miljoen euro kostte.
'25 miljoen? Dat klopt niet. De overheid investeerde 8,1 miljoen reconversiegeld. Daarmee werd de Fontaine De Pline, die ik mij uit mijn jeugd herinner als een verkommerd gebied met een vervuilde vijver, een zigeunerkamp en een gesloten zwembad, grondig aangepakt. De vijver is intussen gesaneerd en er werden nutsvoorzieningen, wegen, voetpaden en riolering aangelegd. Dat is goed besteed geld. We moeten nu zien wat met de private sector mogelijk is. Ik merk alleszins een nieuwe dynamiek. Strabag en Fortis hebben destijds samen met de overheid het risico genomen. Zij hebben er alle belang bij dat er een oplossing komt. Ik verwijs daarvoor naar wat de burgemeester onlangs heeft bekendgemaakt. Intussen stellen we in de zomer het park alvast open.'
De vakantie staat voor de deur. Waar trekt u naartoe?
'Fietsen hier en in Knokke, dat zal er al zeker bij zijn. In augustus ga ik naar de conventie van de Democraten in Denver. Annemie Neyts zal er als lid van de Europese liberalen ook zijn. Ik ben geweldig benieuwd omdat ik gefascineerd ben door mensen die goed kunnen speechen. Ik had dat al toen ik nog in de lagere school zat. Ik dweepte met Martin Luther King en de gebroeders Kennedy. Ik vermoed dat Barack Obama tot die grote traditie behoort. In een toespraak van een president of presidentskandidaat krijg je natuurlijk altijd maar enkele fragmenten te horen van zijn of haar beleidsplan, maar het gaat mij om de retoriek. Als ik in mijn eigen partij kijk, herinner ik me dat Willy De Clercq met zijn stentorstem een volledige zaal kon inpalmen. Karel De Gucht is ook heel eloquent, maar op een andere manier. In een tv-debat kan hij gestructureerd en met argumenten iemand van zijn ideeën overtuigen.'
In de vluchtige mediawereld van vandaag krijgt een politicus daar niet meer zo vaak de kans toe.
'Dat is waar. Wie kan er met de eerste quote aan de haal? Dat is blijkbaar de enige vraag die veel journalisten bezighoudt. Ze staan de woordvoerder van een minister bijna te stalken. Er is een inflatie van nieuws- en praatprogramma's. Dat leidt onvermijdelijk tot concurrentie, zelfs binnen één zender. Op de openbare omroep heb je Koppen, De zevende dag, Villa Politica, Panorama, Keien van de Wetstraat, Volt, Terzake en iedere dag vier journaals. Die willen allemaal een primeur of op zijn minst een spitante mening. Men probeert ook nieuws te maken door de praatgasten een straffe uitspraak te ontlokken. In De zevende dag word je uitgenodigd met het vriendelijke verzoek Je gaat toch wel iets zeggen, zeker? Als je iets zegt, wordt dat een item in het middagjournaal.' 'Journalisten worden opgeleid met het consigne om een gast na twee of drie zinnen te onderbreken. Dat leidt tot een institutionalisering van het conflictmodel. De politiek wordt voorgesteld als een permanente strijd tussen ego's. De pitbulls krijgen de meeste kansen. In de Franstalige pers is dat nog erger dan in de Nederlandstalige. Van de media mag je nochtans verwachten dat ze als vierde macht het politieke bedrijf begrijpelijk maken. Door de haast verbijsterende snelheid van de nieuwsverspreiding zijn we beter geïnformeerd dan ooit tevoren, maar ik heb de indruk dat de toename van de informatie leidt tot een verschraling van het weten.'
Het privéleven van politici wordt soms grondiger uitgespit dan een politieke kwestie.
'Er wordt vaak gezegd dat de politiek ernstiger moet worden. Helaas, veel kiezers stemmen niet op onopvallende werkers die niet graag in de belangstelling staan. Sommigen zie je echt afzien als ze kermissen moeten afdweilen. Ik zal met een voorbeeld proberen te verduidelijken hoe het werkt. Ik werd eens gefotografeerd toen ik in een jeansvest uit het vliegtuig stapte. Ik zweer je: die foto was beter voor mijn populariteit dan twintig goed voorbereide speeches. Het zou toch ook anders kunnen!' 'Iedere politicus weet dat het zo werkt, maar je moet daar ook afstand van durven nemen. Door omstandigheden werd drie jaar geleden de spot gericht op mijn privéleven. Ik heb me ooit laten verleiden tot een interview samen met Greet (Greet Op de Beeck, nvdr)op een vakantieplek in Frankrijk. Dat was fout. Sindsdien volg ik opnieuw mijn lijn van vroeger: een strikte scheiding tussen politiek en privé.'
De vorming van Leterme I duurde een eeuwigheid, de huidige regering blinkt door de Vlaams-Waalse tegenstellingen niet uit in dadendrang. Kunnen Vlaanderen en Wallonië nog samenleven?
'Het zijn twee regio's met een totaal verschillende cultuur, maar so what? We moeten zorgen voor goede staatsstructuren, die maximaal ten dienste staan van de bevolking. In Europa is dat toch ook zo? Verschillen kunnen een verrijking zijn. De Zwitserse filosoof Denis de Rougemont heeft dat mooi gezegd: De Europese landen moeten zich verenigen om verschillend te blijven. Benepen nationalisme is aan mij niet besteed. Dat kan allen maar leiden tot de balkanisering van de Europese Unie. Ik huiver voor het grote gelijk van nationalistische partijen.'
Een detailvraagje: voelt u zich als lid van het Wijnbroederschap van Genoelselderen niet geroepen om een duw te geven aan de plannen van de Confrérie des Chevaliers du Vin Limbourgeois om een Limburgse 'appellation contrôlée' te creëren?
'Dat is een schitterend idee, want verscheidene wijnboeren - denk maar aan Jaap van Rennes van Genoelselderen - hebben hoogwaardige kwaliteit in hun kelders. Wat de Fransen iets te veel hebben, hebben Vlamingen een beetje te weinig: chauvinisme. Daarom moeten we beide Limburgen misschien profileren als een wijngebied.'